In gele letters op een houten plank geschreven. Ik heb nog nooit een aardbeien en bessenbak gemaakt, maar het staat op m'n lijst. Achter de plank in het bos tussen gele bloemen een poes.

Aardbeitjes in de Makkelijke Moestuinmix

Soms denk je vol enthousiasme ‘Oh dat doe ik wel even’ en de boekhouding  “Ach, er is ook nog een avond. Maar soms duren ze wat langer als je enthousiasme.  De juiste rapporteringsvorm voor Starterslabo was er niet meteen. Maar kwam er wel.

En dat lapje rommelgrond achter ons huis. Als ik naar mijn fiets stapte, hoorde ik dat stukje grond: “Met mij kun je best iets doen, echt wel!”. Groot gelijk, want het verdiende iets te zijn maar ik wist gewoon niet wat. Tegen een bosrand met grote eiken en die enorme den. Veel schaduw en stapels hout. Wat, ja wat dan?

Dan kwam het boek “How to make a forest garden” op tafel. Het deed me dromen van tuinen waar alles in evenwicht en eetbaar is. Dat is andere koek.  Geen tuingewerk voor schone schijn maar voor dagelijkse kost, dacht ik. En ik vond Vera Greutink met haar kennis en ervaring over bostuinen en permacultuur. Mijn eerste stapje in bostuinland.

Het tweede stapje kwam toen het perceeltje bosgrond naast ons werd uitgedund. ’s Morgens liep ik naar mijn fiets en fluisterde “wacht maar, nog even geduld. Het komt goed”. Vier bakken maken op 50 centimeter van de bosrand en vullen met aardbeitjes en bessen.  Plukken kan dan nog aan de achterkant van het klimrek.  En de zon kan er haar zoete stralen geven.

Een dag of wat later stonden de bakken in elkaar en denderde er nog snel een hagelbui over de maagdelijke bakken. En ik veranderde van Bob de Bouwer in een tuttel. Had er mijn best op gedaan. De hoeken sloten mooi aan. Vergat gemakshalve dat moestuinbakken in weer en wind buiten blijven staan en dat grond aan een bosrand vochtig blijft. De bakken waren nog niet gevuld en het bleef pijpenstelen regenen. Ook kwalitatief hout werkt, zeker als het gewoon op de grond staat. Het gevoel dat alles perfect moet zijn, liet ik met moeite los.

Ondertussen bestelde ik aardbeitjes. Een bio en de witte ananasbeitjes en zo ging het verder. Op zaterdagavond lagen 76 plantjes in de frigo. Het leken kleine inktvisjes met hun minikopjes en lange tentakels. Je maakt een goed diep gat en steekt ze recht de grond in. Met het hartje juist boven de grond. Anders kan het niet blijven kloppen. Maar het moet wel vooruit gaan, je kunt ze geen week in de frigo laten liggen. Labeur, labeur. Ik vervloek mijn gretigheid.

Als alles geplant is, bedenk ik dat elk experiment de moeite waard is. Het is heerlijk om verschillende methodes en gedachtes te combineren. Misschien iets nieuws samen te brengen. Combinaties zoeken die in een vroeg stadium aangetaste cellen kunnen opruimen. Sinds verleden jaar droom ik van  salvestrolen.

Misschien morgen wat foto’s die ik kreeg van zelfgemaakte en gemonteerde bakken.

Love

Berries

 

Ik ben nooit lang alleen is een tekst op een houten plank met een kater op de achtergrond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.